Hoe herkent u een eiwittekort of ondervoeding na een maagverkleining?
Eiwittekort of ondervoeding na een maagverkleining kan zich uiten in afnemende spierkracht, verlies van spiermassa, aanhoudende vermoeidheid, haaruitval, broze nagels en trage wondgenezing. Vochtophoping in de benen, voeten of buik is een belangrijk waarschuwingssignaal. Omdat deze klachten ook andere oorzaken kunnen hebben, is beoordeling door uw behandelteam of huisarts nodig.
Welke klachten passen bij eiwittekort of ondervoeding na een maagverkleining?
De klachten ontstaan soms geleidelijk en zijn niet altijd duidelijk. Let vooral op een combinatie van signalen of een merkbare verandering ten opzichte van eerder:
- Minder kracht, moeite met traplopen of opstaan en zichtbaar verlies van spiermassa
- Aanhoudende vermoeidheid, zwakte of weinig energie
- Wonden die langzaam genezen of infecties die vaker terugkomen
- Meer haaruitval en droge of broze nagels
- Gewichtsverlies dat sneller of langer doorgaat dan uw behandelteam verwacht, of steeds minder kunnen eten
- Vochtophoping, ook wel oedeem genoemd, rond de enkels, benen of buik
Haaruitval komt na een maagverkleining vaker voor en betekent niet automatisch dat u een eiwittekort heeft. Ook snel gewichtsverlies en tekorten aan bijvoorbeeld ijzer of zink kunnen een rol spelen. Lees daarom ook meer over haaruitval na een maagverkleining.
Wat is het verschil tussen een eiwittekort en ondervoeding?
Bij een eiwittekort krijgt het lichaam onvoldoende eiwitten binnen of neemt het deze onvoldoende op. Eiwitten zijn bouwstoffen voor onder meer spieren, huid, afweer en herstel. Ondervoeding is breder: het lichaam krijgt te weinig energie, eiwitten of andere voedingsstoffen om goed te functioneren.
U hoeft niet ondergewicht te hebben om ondervoed te zijn. Ook tijdens het verwachte gewichtsverlies na de operatie kan spiermassa te snel afnemen. Vochtophoping kan gewichtsverlies zelfs verbergen. Alleen uw gewicht of één klacht geeft daarom geen zekerheid.
Waardoor kan een tekort na een maagverkleining ontstaan?
Na een maagverkleining kunt u kleinere hoeveelheden eten. Afhankelijk van de operatie kan ook de opname van voedingsstoffen veranderen. Een tekort kan ontstaan door te weinig eiwitrijke voeding, maar ook door aanhoudende misselijkheid, herhaald braken, slikproblemen, eten dat niet goed doorzakt, voedselintoleranties, langdurige diarree of verminderde opname in de darm. Het probleem kan kort na de operatie ontstaan, maar ook pas jaren later.
Volg daarom uw persoonlijke voedingsschema en lees waarom eiwitten belangrijk zijn na een maagverkleining. Kunt u een voedingsfase niet verder opbouwen of blijft eten regelmatig steken? Bespreek dit met uw behandelteam; probeer het tekort niet alleen te compenseren.
Hoe wordt eiwittekort of ondervoeding vastgesteld?
Een arts of diëtist kijkt naar uw gewichtsverloop, spierkracht, eetpatroon, klachten en eventuele vochtophoping. Ook braken, diarree, medicatie, andere ziekten en het type operatie worden meegewogen. Bloedonderzoek kan helpen om eiwitten en mogelijke tekorten aan vitamines en mineralen te beoordelen.
Soms wordt albumine gemeten, een eiwit in het bloed. Een afwijkende waarde kan echter ook samenhangen met ontsteking of een aandoening van de lever of nieren. Er bestaat daarom geen enkele klacht of bloedwaarde waarmee u zelf betrouwbaar een eiwittekort of ondervoeding kunt vaststellen.
Wat kunt u zelf doen?
Houd enkele dagen bij wat u eet en drinkt en noteer klachten zoals braken, diarree of moeite met eten. Neem dit overzicht mee naar uw diëtist of arts. Begin binnen uw persoonlijke voedingsschema ieder eetmoment met een passende eiwitbron, zoals zuivel, ei, vis, kip, mager vlees, peulvruchten, tofu of tempeh. Eet rustig, neem kleine happen en kauw goed.
Uw eiwitbehoefte is persoonlijk. Start daarom niet op eigen initiatief met grote hoeveelheden eiwitpoeder of andere supplementen. Blijf voorgeschreven vitamines en mineralen gebruiken en pas deze niet zelf aan. Tijdens de nazorg van het Bariatrisch Centrum kunnen uw voeding, klachten en bloedwaarden worden beoordeeld.
Wanneer moet u contact opnemen?
Neem op korte termijn contact op met uw behandelteam of huisarts bij toenemend krachtverlies, zichtbaar spierverlies, gewichtsverlies dat duidelijk sneller of langer doorgaat dan verwacht, slechte wondgenezing, terugkerende infecties of nieuwe vochtophoping. Wacht ook niet bij aanhoudende diarree, herhaald braken, eten dat blijft steken of wanneer u structureel te weinig kunt eten. Herhaald braken kan bovendien tot uitdroging en een tekort aan vitamine B1 leiden.
Neem dezelfde dag contact op als u geen vocht kunt binnenhouden, nauwelijks plast, snel achteruitgaat of ernstige zwakte krijgt. Zoek direct spoedzorg bij hevige of toenemende buikpijn, bloedbraken, zwarte ontlasting, ernstige benauwdheid, pijn op de borst, verwardheid of flauwvallen. Bekijk ook wanneer u na een maagverkleining contact moet opnemen met een arts.
Overweegt u deel te nemen aan het programma van het Bariatrisch Centrum? Neem gerust contact met ons op via telefoon (088 706 8800) of e-mail (poli.bariatrie@bravis.nl) voor meer informatie of om u aan te melden. Voor uw intake en screening is een verwijsbrief van uw huisarts of specialist vereist, bijvoorbeeld van een internist, longarts of cardioloog. Wanneer u aan de criteria voldoet, wordt u direct ingepland voor de screening. Als aanvullende medische informatie nodig is, volgt eerst een gesprek met de chirurg. Zo zet u een goed geïnformeerde eerste stap richting een duurzame behandeling van obesitas.