Ga naar de inhoud

Zorg vóór, tijdens en na je maagverkleining

Behandelcentrum voor Overgewicht en Obesitas — Bariatrisch Centrum
Kennisbank

Waarom verdraagt u melk of lactose minder goed na een gastric bypass?

Na een gastric bypass kan melk buikpijn, misselijkheid, een opgeblazen gevoel of diarree veroorzaken. Dit kan passen bij lactose-intolerantie na een gastric bypass, maar lactose is niet altijd de enige oorzaak. Ook de hoeveelheid melk, de snelheid waarmee u drinkt, het vetgehalte en toegevoegde suikers kunnen klachten geven.

Vooral tijdens de eerste weken kan gewone melk minder goed worden verdragen. Zure melkproducten zoals yoghurt, karnemelk en yoghurtdrink geven bij sommige patiënten minder klachten. Welke producten geschikt zijn, hangt af van uw voedingsfase en persoonlijke tolerantie.

Wat is lactose?

Lactose is de natuurlijke melksuiker in melk en veel andere zuivelproducten. Om lactose te kunnen opnemen, moet het enzym lactase de melksuiker in de dunne darm afbreken.

Wanneer te weinig lactose wordt afgebroken, komt een deel in de dikke darm terecht. Darmbacteriën gaan deze lactose vergisten. Daardoor kunnen gasvorming, buikkrampen, een rommelende buik en diarree ontstaan.

Waarom kan lactose na een gastric bypass klachten geven?

Bij een gastric bypass worden een klein maagreservoir en een nieuwe voedselroute door de dunne darm gemaakt. Voeding en dranken komen daardoor op een andere manier en vaak sneller in de darm terecht.

Een hoeveelheid melk die u vóór de operatie zonder problemen kon drinken, kan na de operatie te groot of te snel aangeboden worden. Wanneer de beschikbare hoeveelheid lactase niet voldoende is om alle lactose op dat moment af te breken, kunnen klachten ontstaan.

Tijdens het vroege herstel kan de darm bovendien tijdelijk gevoeliger reageren. Dat betekent niet automatisch dat u levenslang volledig lactose-intolerant bent.

Zijn klachten na zuivel altijd lactose-intolerantie?

Nee. Onderzoek laat zien dat maag-darmklachten na zuivel duidelijk vaker worden gemeld na een Roux-en-Y gastric bypass, maar dat niet iedere patiënt met klachten ook aantoonbare lactose-intolerantie heeft.

Andere mogelijke oorzaken zijn:

  • te veel melk in één keer drinken;
  • te snel drinken;
  • een hoog vetgehalte;
  • toegevoegde suiker in zuiveldranken, vla of desserts;
  • zoetstoffen die gasvorming of diarree veroorzaken;
  • een algemene gevoeligheid van het maag-darmkanaal;
  • dumpingklachten;
  • een andere darmaandoening of voedselintolerantie.

Ga daarom niet uitsluitend op basis van één keer buikpijn ervan uit dat u nooit meer zuivel kunt gebruiken.

Welke klachten passen bij lactose-intolerantie?

Klachten ontstaan meestal na het gebruiken van melk of een ander lactosebevattend product. Mogelijke symptomen zijn:

  • een opgeblazen gevoel;
  • veel winderigheid;
  • buikkrampen;
  • een rommelende buik;
  • misselijkheid;
  • dunne ontlasting of diarree;
  • plotselinge aandrang.

De ernst hangt vaak samen met de hoeveelheid lactose. Sommige mensen verdragen een kleine hoeveelheid, maar krijgen klachten na een volledig glas melk of meerdere melkproducten kort na elkaar.

Wat is het verschil tussen lactose-intolerantie en dumping?

Lactose-intolerantie veroorzaakt voornamelijk darmklachten doordat lactose onvoldoende wordt verteerd. Dumping ontstaat doordat voeding of drank te snel in de dunne darm terechtkomt. Vooral producten met veel toegevoegde suiker kunnen dumping uitlokken.

Dumping kan naast buikpijn en diarree ook klachten veroorzaken zoals:

  • zweten;
  • hartkloppingen;
  • duizeligheid;
  • trillen;
  • een slap of moe gevoel;
  • misselijkheid;
  • een versnelde hartslag.

Een zoete milkshake, chocolademelk, vla of drinkyoghurt kan dus klachten geven door toegevoegde suiker, ook wanneer u lactose op zichzelf wel verdraagt. Lees meer over het dumpingsyndroom na een gastric bypass.

Is lactose-intolerantie hetzelfde als een koemelkallergie?

Nee. Bij lactose-intolerantie reageert het lichaam op melksuiker. Bij een koemelkallergie reageert het afweersysteem op melkeiwitten. Lactosevrije koemelk bevat nog steeds melkeiwitten en is daarom niet geschikt bij een koemelkallergie.

Huiduitslag, zwelling van lippen of tong, benauwdheid of slikproblemen passen niet bij een gewone lactose-intolerantie. Zoek bij benauwdheid of zwelling direct medische hulp.

Waarom geeft gewone melk vaker klachten?

Gewone melk wordt als vloeistof relatief snel gedronken en levert daarmee in korte tijd een hoeveelheid lactose. Na een gastric bypass kan een volledig glas daardoor minder goed vallen.

Binnen het voedingsadvies van Bravis wordt beschreven dat gewone melk en producten zoals vla vaker klachten kunnen geven dan zure melkproducten zoals yoghurt, karnemelk en yoghurtdrink. Bij gefermenteerde producten is een deel van de lactose al afgebroken en de dikkere structuur kan ervoor zorgen dat u het product rustiger gebruikt.

De hoeveelheid lactose verschilt per product en merk. Ook yoghurt of drinkyoghurt kan klachten geven wanneer de portie te groot is of veel suiker is toegevoegd.

Welke zuivelproducten kunt u proberen?

Bespreek tijdens de eerste voedingsfasen altijd met uw diëtist welke producten zijn toegestaan. Afhankelijk van uw schema en tolerantie kunt u denken aan:

  • lactosevrije melk;
  • lactosevrije yoghurt of kwark;
  • naturel yoghurt;
  • karnemelk;
  • ongezoete yoghurtdrink;
  • kleine hoeveelheden harde, gerijpte kaas in een latere voedingsfase.

Kies binnen het Bravis-schema bij voorkeur een melkproduct zonder toegevoegde suiker en met minder dan 6 gram suiker per 100 milliliter. Let op: lactosevrije melk is niet automatisch suikervrij. Op de verpakking kunnen nog steeds suikers worden vermeld, terwijl geen intacte lactose meer aanwezig is.

Hoe probeert u melk opnieuw uit?

Probeer niet verschillende nieuwe producten tegelijkertijd. Anders is moeilijk vast te stellen waardoor de klachten ontstaan.

  1. Kies één product dat binnen uw voedingsfase past.
  2. Begin met een kleine hoeveelheid.
  3. Gebruik het product rustig en zit rechtop.
  4. Noteer de hoeveelheid, het tijdstip en eventuele klachten.
  5. Probeer op een ander moment eventueel een lactosevrije variant.
  6. Bespreek terugkerende klachten met uw diëtist.

Ga niet tegen duidelijke pijn, misselijkheid of verzadiging in door met drinken. Volg de porties en opbouw uit het voedingsadvies na de operatie.

Kunnen lactasetabletten helpen?

Lactasepreparaten kunnen bij sommige mensen helpen om lactose beter te verteren. De werking hangt af van de hoeveelheid lactose, de dosering en het moment van innemen.

Vraag uw diëtist, arts of apotheker of een lactasepreparaat voor u geschikt is. Een tablet helpt niet tegen klachten die door vet, toegevoegde suiker, te snel drinken, dumping of een koemelkallergie worden veroorzaakt.

Welke plantaardige alternatieven zijn geschikt?

Een ongezoete sojadrank kan een bruikbaar alternatief zijn, omdat deze doorgaans meer eiwit bevat dan veel andere plantaardige dranken. Kies bij voorkeur een variant waaraan calcium en vitamines zijn toegevoegd.

Amandel-, haver- en rijstdranken bevatten vaak aanzienlijk minder eiwit en zijn daardoor niet automatisch een gelijkwaardige vervanging voor melk. Sommige varianten bevatten bovendien toegevoegde suiker.

Laat uw diëtist controleren of uw alternatieven voldoende eiwitten, calcium en andere voedingsstoffen leveren. Lees ook waarom eiwitten na een maagverkleining belangrijk zijn.

Kunt u zuivel volledig weglaten?

Zuivel is niet voor iedereen noodzakelijk, maar volledig weglaten vraagt om goede vervanging. Melkproducten leveren onder andere eiwitten en calcium. Na een gastric bypass is het extra belangrijk dat uw totale voeding en supplementen voldoende voedingsstoffen bevatten.

Schrap niet op eigen initiatief alle melkproducten zonder vervangend voedingsplan. Uw bariatrisch diëtist kan een dagmenu samenstellen met lactosevrije zuivel, geschikte plantaardige producten of andere eiwitbronnen.

Bekijk ter inspiratie het voorbeeld van een dagmenu na een maagverkleining. Dit voorbeeld moet bij lactoseklachten persoonlijk worden aangepast.

Blijft lactose-intolerantie na een gastric bypass bestaan?

Dat verschilt per persoon. Bij sommige patiënten zijn de klachten vooral aanwezig tijdens de eerste herstelperiode en verbetert de tolerantie later. Anderen blijven gevoelig voor grotere hoeveelheden lactose.

Probeer een product niet opnieuw wanneer u nog in de vroege herstelperiode zit en duidelijke klachten heeft. Bespreek met de diëtist wanneer en op welke manier een herintroductie veilig kan worden geprobeerd.

Kan lactose-intolerantie worden onderzocht?

Wanneer de klachten blijven bestaan, kan een arts beoordelen of aanvullend onderzoek nodig is. Een waterstofademtest kan worden gebruikt om lactosemalabsorptie te onderzoeken. Ook kan worden gekeken naar andere oorzaken van diarree, buikpijn of een opgeblazen gevoel.

Een tijdelijk voedingsdagboek kan helpen. Noteer daarin het product, merk, vet- en suikergehalte, de hoeveelheid, het tijdstip en de klachten. Zo wordt duidelijker of lactose, vet, suiker of de portiegrootte een rol speelt.

Blijven calcium en supplementen belangrijk?

Ja. Ook wanneer u melkproducten minder goed verdraagt, moet u de voorgeschreven bariatrische multivitaminen en calcium blijven gebruiken. Stop of wijzig supplementen niet zonder overleg.

Meer informatie vindt u op de pagina over supplementen na een maagverkleining.

Wanneer neemt u contact op met uw behandelteam?

Neem contact op wanneer diarree of misselijkheid blijft aanhouden, u door de klachten onvoldoende kunt eten of drinken, of wanneer u snel gewicht verliest doordat vrijwel alle zuivel en alternatieven klachten veroorzaken.

Neem dezelfde dag contact op bij herhaaldelijk overgeven, nauwelijks kunnen drinken, zeer weinig plassen, donkere urine of toenemende duizeligheid. Dit kunnen tekenen zijn van uitdroging na een maagverkleining.

Overweegt u deel te nemen aan het programma van het Bariatrisch Centrum? Neem gerust contact met ons op via telefoon (088 706 8800) of e-mail (poli.bariatrie@bravis.nl) voor meer informatie of om u aan te melden. Voor uw intake en screening is een verwijsbrief van uw huisarts of specialist vereist, bijvoorbeeld van een internist, longarts of cardioloog. Wanneer u aan de criteria voldoet, wordt u direct ingepland voor de screening. Als aanvullende medische informatie nodig is, volgt eerst een gesprek met de chirurg. Zo zet u een goed geïnformeerde eerste stap richting een duurzame behandeling van obesitas.